Postdwangbevel

Sinds 1 januari 2004 is het ook mogelijk – en uitgegroeid tot algemeen gebruik – om het dwangbevel met een bevel tot betaling te betekenen door al dan niet aangetekende toezending per post. Dit is geregeld in een wetswijziging (gepubliceerd in Stb. 2003, 527) van de Invorderingswet 1990 die ook van toepassing is op de invordering van lagere overheidsbelastingen en heffingen zoals van een gemeente, water- of (hoog)heemraadschap e.d. Het bijzondere van het dwangbevel is dat het tevens een executoriale titel is. Het heeft dus dezelfde kracht als een gerechtelijk vonnis. Dat gold ook voor terugvorderings- en boetebesluiten van sociale-zekerheid-uitvoeringsorganen zoals Sociale verzekeringsbank (SVB), Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) en gemeente. Sinds de inwerkingtreding per 1 juli 2009 van de 4e tranche van de Algemene wet bestuursrecht (AWB) zijn ook deze organen bevoegd om een dwangbevel uit te vaardigen. Op de wijze waarop die organen invorderen is niet de Invorderingswet 1990 van toepassing, maar voorziet de AWB samen met elke socialezekerheidswet zelf in de invorderingsregels. Daarbij is eveneens de mogelijkheid opgenomen van toezending van het dwangbevel per (aangetekende of) gewone post. Het bestuursorgaan is vrij in de keuze tussen betekening van het dwangbevel in persoon door een (belasting- of gerechts) deurwaarder of per post.